DE DRIE MUSKETIERS

DE DRIE MUSKETIERS

Door

Beschrijving

DE Drie Musketiers Alexandre Dumas 672 blz

Frankrijk, 1625. de achttienjarige edelman d’Artignan verlaat het ouderlijk huis en trekt naar Parijs. Hij raakt er eerst slaags met Porthos,Aramis en Athos, de beroemde Drie Musketiers van koning Lodewijk XIII, maar wordt al vlug hun wapenbroeder. Onder de lijfspreuk “Eeen voor allen, allen voor één” verdedigen ze samen de eer van de koning. D’ Artagnan moet zien te verhinderen dat Richelieu, de geslepen, corrupte kardinaal, koning Lodewijk de XII kan

Contacteer de verkoper

Prijs

€ 3

Taal

Nederlands

Boekbinding

Hardcover met stofomslag

Staat

Als nieuw

Deel dit zoekertje

Omschrijving

De drie geschenken van mijnheer d'Artagnan den vader. Op den eersten Maandag der maand April 1625 scheen de kleine stad _Meung_, waar de schrijver van den _Roman de la Rose_ het eerste levenslicht aanschouwde, in volkomen opstand, en wel derwijze, alsof de _Hugenooten_ er zooals te _La Rochelle_ huis hielden. Een aantal burgers, die hun vrouwen de hoofdstraat vluchtend zagen over ijlen, terwijl de kinderen voor de deuren schreeuwden, haastten zich hun pantser aan te doen en trachtten aan hun tamelijk vreesachtige houding door een vuurroer of een spies iets meer ontzagwekkends te geven. Zij richtten hun schreden naar de herberg _de Trouwe Molenaar_, voor welke een hoe langer hoe dichter wordende, onstuimige, nieuwsgierige volkshoop zich verdrong. In dien tijd waren plotselinge schrikken aan de orde van den dag, en er verliepen maar weinige dagen, zonder dat de een of andere stad in haar archieven een voorval van dien aard had aan te teekenen. Immers, de edelen voerden toen krijg onderling, de koning tegen den kardinaal, en de Spanjaarden tegen den koning. Vervolgens waren er nog, behalve deze onbekende verholene of openbare strijdvoerders, dieven, bedelaars, Hugenooten, wolven en lakeien, die tegen geheel de wereld krijg voerden. De burgers wapenden zich altijd tegen de dieven, tegen de wolven en tegen de lakeien; ook vaak tegen den adel en de Hugenooten, bijwijlen zelfs tegen den koning; doch nooit tegen den kardinaal of tegen den Spanjaard. Het gevolg dezer aangenomen gewoonte was, dat op gezegden eersten Maandag der maand April 1625, de burgers eenige opschudding vernemende, zonder nochtans den gelen of rooden standaard of de kleuren van den hertog de Richelieu te zien, in allerijl naar de herberg _de Trouwe Molenaar_ stormden. Daar gekomen konden allen de oorzaak van dat rumoer zien en onderscheiden. Een jongeling.... doch schetsen wij vooraf vluchtig zijn portret: Verbeeld u Don Quichotte zonder pantser of dijharnas; Don Quichotte in een wollen buis, welks vroeger blauwe kleur nu was overgegaan tot een onbegrijpelijke wijnmoerstint met hemelsblauwen gloed. Zijn langwerpig bruin gelaat en zijn vooruitstekende wangbeenderen duidden slimheid aan, terwijl de uitstekende kaakbeenderen het onfeilbaar teeken van zijn Gaskonjischen oorsprong waren, dien men in hem herkend zou hebben, zelfs bij gemis aan de Baskische muts, welk rond en plat hoofddeksel, versierd met iets naar een pluim gelijkende, onze jongeling op het hoofd had; zijn blik was vrij en geestig, zijn gebogen neus welgevormd; te groot voor een knaap, te klein voor een volwassen jongeling, zou een min geoefend oog hem voor een op reis zijnden pachterszoon hebben aangezien, zonder den langen degen, die aan een lederen bandelier hangende, tegen de beenen van den eigenaar slingerde, wanneer deze te voet ging, en het ruwe haar van zijn hit wreef, als hij te paard zat. Want onze jongeling bezat een paard, en wel een zoo merkwaardig, dat het door iedereen werd opgemerkt. Het was een Bearneesche hit, twaalf of veertien jaar oud, geelkleurig van huid, met uitgevallen staart; maar daarentegen voorzien van harde pootgezwellen. Het beestje liet den kop lager dan de knieën hangen, 't geen het gebruik van den springteugel onnoodig maakte, doch legde echter nog vlug acht uren daags af. Ongelukkig waren de deugden van het paard zoo diep onder zijn zonderlinge huid en onbehouwen gestalte verborgen, dat, in dien tijd, toen iedereen kennis van paarden had, de verschijning van gezegden hit te _Meung_, waar hij ongeveer een kwartier geleden door de poort van _Beaugency_ was binnengekomen, een indruk deed ontstaan, welks ongunstigheid op den ruiter neerkwam.

Verkoper

August Jacobs

Online sinds vrijdag 15/02/2019 19:10 en 42 keer bekeken

Reactie achterlaten

Heb je interesse in dit zoekertje? Dan kan je via dit formulier in contact komen met de verkoper.

Naam + Voornaam mag niet leeg zijn
E-mail adres mag niet leeg zijn
Beschrijving mag niet leeg zijn